Chileens succes tart Bush-doctrine
27 september 2005
President Bush gebruikt Chili als lichtend voorbeeld voor politieke en economische vrijheid. De vrijemarkteconomie, die door Pinochet werd ingevoerd, zou het land uit de economische malaise van de jaren zeventig hebben gehaald. NWO-promovendus Lucian Peppelenbos ontdekte echter dat eeuwenoude paternalistische relaties aan de basis staan van dit succes. Hij promoveert op 10 oktober aan de Wageningen Universiteit op dit onderwerp.In de jaren zeventig leed Chili onder honger en een brute staatsgreep. Maar twintig jaar later staat het land in de wereldtop van opkomende economieën. Lucian Peppelenbos toonde met steun van de NWO-stichting WOTRO (Wetenschappelijk Onderzoek van de Tropen en Ontwikkelingslanden) aan dat het Chileense succes gebaseerd is op eeuwenoude paternalistische relaties die voortbestaan binnen de vrije markt. Pinochet verving de welvaartstaat wel door een vrijemarkteconomie, maar was zelf een patriarchale staatsman die zijn burgers weinig eigen beslissingsbevoegdheid gaf.
Deze hiërarchische organisatiestructuur maakt de economie minder efficiënt en het land minder democratisch, maar is er wel meer geborgenheid en solidariteit in de samenleving zelf. Zo ontstaan er mogelijkheden voor kleine ondernemers en ongeschoolde arbeiders, die geen enkele kans zouden hebben binnen onze individualistische prestatiemaatschappij.
Betuttelde tomaten
Dit blijkt uit een van de toonbeelden van het Chileense neo-liberale 'exportmirakel', de tomatenverwerkingsindustrie. De industrie stelt eenzijdig het productiecontract op, neemt bijna alle operationele beslissingen, en verplicht de telers tot een totaalpakket aan producten en diensten. De telers hebben nauwelijks vrije ondernemingsruimte, zijn niet georganiseerd, en verdedigen hun belangen door vriendschapsrelaties met het personeel van de industrie te kweken en waar mogelijk te zwendelen. Dit patroon-cliënt model leidt tot grote inefficiëntie in de keten. Maar tegelijkertijd zorgt het ervoor dat kleine boeren, onder de betutteling van een grote verwerker, toegang hebben tot de wereldmarkt.
Peppelenbos heeft als consultant geprobeerd ketensamenwerking te introduceren, maar stuitte telkens op een kritisch systeemkenmerk van de bestaande organisatiestructuur - de noodzaak van persoonlijk leiderschap. Initiatief van onderop was vruchtbaar zolang dit aangestuurd werd door de consultant in samenwerking met de top van de organisatie. Maar zodra de consultant van het toneel verdween, viel het initiatief als een kaartenhuis in elkaar.
..............................
Meer informatie bij:
- ir. Lucian Peppelenbos (WUR, CERES, inmiddels werkzaam bij KIT Tropeninstituut)
- t: +31 (0)20 56 88 531
- m: +31 (0)6 46 08 02 73
- l.peppelenbos@kit.nl
- Promotie 10 oktober
- Promotor prof. dr. P Richards
